Afschaffing fiscale aftrek scholingsuitgaven

Maakt u gebruik van de aftrekpost voor de scholingsuitgaven in de inkomstenbelasting? Let dan op het volgende:

Met ingang van 1 januari 2022 wordt de fiscale aftrekpost voor scholingsuitgaven in de inkomstenbelasting afgeschaft.
Ter vervanging van deze aftrekpost zal de subsidieregeling STAP-budget (Stimulans van de Arbeidsmarktpositie) in werking treden. Dit wetsvoorstel maakt onderdeel uit van het bredere kabinetsbeleid inzake een Leven Lang Ontwikkelen (LLO). De nieuwe subsidieregeling zal ten opzichte van de fiscale aftrekpost in de inkomstenbelasting een aantal belangrijke voordelen moeten bieden voor mensen met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt.

Aftrekpost
Een nadeel van de huidige fiscale aftrekpost is dat de scholingsuitgaven eerst voorgefinancierd dienen te worden door de belastingplichtige. Voor mensen met een lager inkomen zal deze voorfinanciering niet altijd mogelijk zijn. Ook de hoge drempel (€ 250) wordt gezien als een nadeel. Daarnaast geldt dat er onder het huidige systeem sprake is van een eigen bijdrage in de scholingsuitgaven. De hoogte van deze bijdrage is afhankelijk van uw inkomen, maar bedraagt altijd meer dan 50%.

STAP
Ter vervanging van de fiscale aftrek van scholingsuitgaven zal de subsidieregeling STAP-budget (Stimulans van de Arbeidsmarkpositie) worden ingevoerd. Deze regeling is bedoeld voor natuurlijke personen met een band met de Nederlandse arbeidsmarkt.

Uit een evaluatie van het Centraal Planbureau blijkt dat de aftrekpost van scholingsuitgaven door een beperkt aantal mensen wordt gebruikt en dat de gebruikers relatief hoogopgeleid zijn. Dit is voor het kabinet aanleiding geweest om de huidige fiscale aftrekpost te vervangen door de nieuwe subsidieregeling. De invoering van de subsidieregeling STAP-budget moet onder andere leiden tot het beter bereiken van mensen met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt door de laagdrempeligheid van deze regeling.

Bij de vervangende subsidieregeling STAP-budget zal geen sprake zijn van een drempel. De maximale vergoeding bedraagt € 1.000. Zijn de opleidingskosten lager, dan wordt het volledige bedrag van de opleiding vergoed. Daarbij dient wel sprake te zijn van een kwalificerende opleiding. De opleider kan hier inzage in verlenen.

Een voordeel ten opzichte van de huidige aftrek voor scholingsuitgaven in de inkomstenbelasting is dat de kosten van de opleiding niet voorgefinancierd hoeven te worden door de deelnemer. Het STAP-budget kan namelijk eenvoudig digitaal worden aangevraagd en wordt na goedkeuring rechtstreeks uitbetaald aan de opleidingsinstantie. Voor meerjarige opleidingen geldt dat er jaarlijks een aanvraag kan worden ingediend voor het STAP-budget.

Maximumbedrag
Het maximumbedrag van € 1.000 via het STAP-budget is lager dan het maximumbedrag van € 15.000 dat geldt bij de fiscale aftrek voor scholingsuitgaven in de inkomstenbelasting. Er maakt echter maar een zeer beperkte groep gebruik van dit maximumbedrag van € 15.000. Op grond van een analyse geldt dat voor circa 80% van de gebruikers van de fiscale aftrekpost voor scholingsuitgaven, het STAP-budget voor hen financieel gunstiger zal zijn.

Wetswijzigingen voor zzp’ers per 1 juli 2021

Vanaf 1 juli 2021 krijg je te maken met nieuwe wetten en regels. De belangrijkste wetswijzigingen voor zzp’ers op een rij:

1. Geen ongevraagde telefonische verkoop meer
Krijg jij weleens ongevraagde verkooptelefoontjes? Als het goed is, is dat vanaf 1 juli verleden tijd. Bedrijven moeten consumenten en ondernemers zonder rechtspersoonlijkheid, zoals een eenmanszaak, om toestemming vragen.

Word jij als zzp’er ingehuurd om klanten te bellen? Dan moet dit, als het om consumenten of bedrijven zonder rechtspersoonlijkheid gaat, van te voren gevraagd zijn. Als een potentiële klant openstaat voor een telefoongesprek moet je met nummerherkenning bellen. Bedrijven met rechtspersoonlijkheid mag je zonder toestemming bellen mits je nummerherkenning aanstaat. Bestaande klanten mag je voor een bepaalde periode zonder toestemming bellen. Hiervoor is nog geen wettelijke termijn bepaald.

2. Alle rechtspersonen dezelfde regels voor bestuur en toezicht

Veel zzp’ers kiezen bij de start van hun bedrijf voor een eenmanszaak. Deze rechtsvorm heeft lage opstartkosten en belastingvoordelen voor starters. Om meerdere redenen, bijvoorbeeld omdat je gaat samen werken met andere ondernemers, kun je ervoor kiezen om de rechtsvorm te wijzigen. Als je kiest voor een rechtsvorm met rechtspersoonlijkheid word je bestuurder of toezichthouder van je bedrijf en ben je persoonlijk minder aansprakelijk.

De regels over de taken, het stemrecht en de aansprakelijkheid van bestuurders en toezichthouders verschillen per rechtspersoon. Vanaf 1 juli zijn de regels voor alle rechtspersonen hetzelfde. Wanneer je de regels niet naleeft kun je persoonlijk toch aansprakelijk worden gesteld.

3. Betrouwbaarheidsniveau EH1 van eHerkenning stopt
Ben je een zzp’er met een eenmanszaak? Dan krijg je misschien met eHerkenning te maken, de digitale sleutel voor ondernemers en de overheid. Alle bedrijven met uitzondering van eenmanszaken, doen al btw-aangifte met behulp van eHerkenning. Ook andere overheidsorganisaties vragen ondernemers gebruik te maken van dit inlogsysteem om zaken te regelen. Dit geldt soms ook voor een eenmanszaak. Bijvoorbeeld als je bij de gemeente een parkeervergunning voor je bedrijfsauto aanvraagt.

Met e-Herkenning is inloggen veilig. Op die manier weten organisaties zeker wie je bent. Daarnaast geeft het jou extra zekerheid dat de site waar je inlogt betrouwbaar en veilig is. Vanwege strengere eisen wordt het laagste betrouwbaarheidsniveau van het inlogsysteem, EH1, stopgezetLeveranciers van eHerkenningsmiddelen informeren ondernemers over het stopzetten en upgraden van EH1.

4. Auteursrecht
Vanaf 7 juni gelden nieuwe Europese regels over het auteursrecht. Deze regels zijn een aanvulling op bestaande regels en geven jou een betere onderhandelingspositie. Als jij als zzp’er wordt ingehuurd om bijvoorbeeld teksten te schrijven heb jij het auteursrecht tenzij je de rechten overdraagt. Behoud je je rechten dan moet de opdrachtgever jou verplicht op de hoogte houden waar jouw teksten geplaatst worden en je hiervoor een vergoeding geven.

Meer weten over aankomende wetswijzigingen? Bekijk alle wetswijzigingen en nieuwe regels op Ondernemersplein.nl.

Testwet: dit betekent het voor ondernemers

De Eerste Kamer heeft ingestemd met de Wet Coronatoegangsbewijzen, oftewel de testwet. De testwet zorgt ervoor dat bepaalde sectoren eerder of verder kunnen heropenen. Bezoekers doen vooraf een verplichte toegangstest. De wet geldt vanaf zaterdag 5 juni 2021.

De testwet is van toepassing bij sport- en jeugdactiviteiten, doorstroomlocaties, culturele instellingen, evenementen en horeca. In het openingsplan staat meer informatie over de voorwaarden die gelden voor de sectoren en activiteiten.

Is het verplicht?
Als ondernemer mag je zelf kiezen of je met toegangstesten wilt werken. Wil je dit niet, dan blijven voor jou de huidige coronamaatregelen van kracht en profiteer je dus niet van extra versoepelingen. Het kan dus zijn dat het ene restaurant ervoor kiest om met toegangstesten te werken en zo meer bezoekers binnen mag laten, en dat een ander restaurant niet met toegangstesten werkt.

Er komt een aanmeldportaal van Stichting Open Nederland. Er volgt nog meer informatie over hoe je je kunt aanmelden. Dit is nodig om de testcapaciteit te bepalen.

Hoe werkt het?
Wil je gaan werken met toegangstesten, informeer dan je bezoeker. Vermeld op je website en op andere communicatiekanalen dat bezoekers alleen toegang hebben tot jouw locatie of evenement met een geldig testbewijs. Bezoekers moeten zich nog steeds vooraf aanmelden of een plek reserveren. Daarna gaat het als volgt:

Je bezoeker maakt via testenvoortoegang.nl een afspraak voor een coronatest. Dit doet hij maximaal 40 uur voordat hij jouw locatie of evenement bezoekt. Kinderen tot en met 12 jaar mogen zonder coronatoegangsbewijs naar binnen. Zij hoeven dus niet getest te worden (wel vooraf aanmelden of reserveren). Voor het afnemen van de test zijn speciale teststraten ingericht, zodat je bezoeker in zijn eigen provincie terecht kan. Binnen een uur ontvangt hij de testuitslag via de CoronaCheck-app.

Wanneer de coronatest negatief is, ontvangt je bezoeker een unieke code. Hiermee haalt hij in de CoronaCheck-app de testuitslag op. Deze wordt omgezet in een testbewijs; dit is een QR-code. De bezoeker laat deze QR-code zien bij het betreden van jouw locatie of evenement. Een bezoeker zonder smartphone kan de testuitslag via coronacheck.nl ook omzetten in een papieren testbewijs.
Alleen met een negatieve testuitslag via Testen voor Toegang kan je bezoeker een geldig testbewijs maken. Als een testuitslag positief is, ontvangt de bezoeker hierover bericht en kan hij niet deelnemen aan de activiteit.

Controleer iedere bezoeker voor het betreden van jouw locatie of evenement op zijn testbewijs (digitaal of op papier). Dit doe je door de QR-code te scannen met de CoronaCheck Scanner-app. Een groen scherm met een vinkje betekent: geldig testbewijs. Check hierna ook of de bezoeker heeft gereserveerd/zich heeft aangemeld. Geeft de scanner een rood scherm, dan is het testbewijs niet geldig en mag je de bezoeker niet toelaten. Kijk voor de scaninstructies in de app of op coronacheck.nl/scanner.

Bij een geldig coronatoegangsbewijs (het groene scherm) zie je de gegevens die je moet controleren aan de hand van het legitimatiebewijs van de bezoeker. Klopt alles? Dan mag de bezoeker naar binnen.

Geldt een vaccinatiebewijs als testbewijs?
Nee, op dit moment is het nog niet mogelijk om toegang te verlenen met een vaccinatiebewijs. Ook als je bezoeker gevaccineerd is, heeft hij een negatieve testuitslag nodig om toegang te krijgen.

Hoe kom ik aan de scanner?
De CoronaCheck Scanner kun je gratis downloaden in de Apple- of Google Play Store. Zowel CoronaCheck als de CoronaCheck Scanner zijn te gebruiken op alle iOS- en Androidtelefoons vanaf Android 6 en iOS 12 (de iPhone 5s en nieuwer).

Personeel ook testen?
Het laten testen van je personeel is niet verplicht, maar wordt wel aanbevolen voor optimale veiligheid. Werknemers hoeven geen testbewijs te overleggen en kunnen ook gebruikmaken van zelftesten.

Personeel trainen?
Wil je meer weten over het trainen van je medewerkers en hoe zij op de juiste wijze toegang aan bezoekers kunnen verlenen? Kijk dan op testenvoortoegang.nl/organisatoren.

Hoe informeer ik mijn bezoeker?
De Rijksoverheid heeft een communicatietoolkit samengesteld die je kunt gebruiken om bezoekers te informeren over de inzet van testbewijzen. Deze toolkit (met onder andere een factsheet en posters met regels en instructies) wordt de komende periode nog aangevuld. Veel gestelde vragen over het organiseren van een evenement of het informeren van je bezoekers vind je op testenvoortoegang.nl/organisatoren.

Werkgever moet waarschuwen voor vervallen vakantiedagen

Per 1 juli 2021 vervallen in principe de wettelijke vakantiedagen die werknemers in 2020 hebben opgebouwd. De werkgever is verplicht om werknemers op die vervaltermijn te wijzen en ze de kans te geven om de vakantiedagen nog wel te benutten.
Informeert de werkgever niet op tijd of onduidelijk over de vervaltermijn, dan behoudt de werknemer zijn recht op de nog niet-opgenomen wettelijke vakantiedagen na afloop van de vervaltermijn. Deze wettelijke vakantiedagen verjaren in dat geval pas vijf jaar na het jaar van opbouw, net als bovenwettelijke vakantiedagen. Dat is in rechtspraak besloten.

Door de coronacrisis hebben veel werknemers een groot aantal dagen over. Door reisbeperkingen en het thuiswerken waren mensen aan huis gebonden, waardoor de noodzaak om vrije dagen op te nemen door veel werknemers niet gevoeld zal zijn. Ook zijn er sectoren die door corona helemaal dicht waren. De ophoping van vakantiedagen maakt het nu extra belangrijk om er werk van te maken.

Schriftelijke herinnering sturen over vervaltermijn vakantiedagen
Als de werkgever werknemers niet schriftelijk heeft gewaarschuwd voor de naderende vervaltermijn, doet hij er goed aan dit alsnog te doen. Heeft de werkgever de werknemers al wel gewaarschuwd, dan kan hij overwegen ze nogmaals via de mail te herinneren aan de wettelijke vervaltermijn. Door werknemers te laten bevestigen dat ze het bericht hebben ontvangen, kan de werkgever achteraf bewijzen dat hij hen tijdig op de hoogte heeft gesteld. Een werknemer die zijn wettelijke dagen toch niet op tijd opneemt, kan dan worden geacht hier bewust afstand van te hebben gedaan (al kan bij arbeidsongeschiktheid de situatie complexer zijn). Wettelijke vakantiedagen tussentijds uitbetalen of verrekenen met ziektedagen, is niet toegestaan.

Werknemer niet dwingen om vakantiedagen op te nemen
De werkgever kan werknemers in principe niet verplichten om vakantiedagen weg te werken. Wel kan hij het aantrekkelijk maken, bijvoorbeeld door werk bij de werknemer weg te nemen, zodat hij de vrijheid ervaart om uren op te nemen. Uiteraard vraagt dit om goede interne afstemming, waarbij voor leidinggevenden een belangrijke rol is weggelegd.
Wettelijk gezien mag de werkgever collectieve vakantiedagen aanwijzen, maar dit moet in de cao of arbeidsovereenkomst geregeld zijn. Vaak is de vrijdag na Hemelvaart een geschikte ‘kandidaat’. Dit jaar valt Koningsdag op een dinsdag, dus ook maandag 26 april kan een goede optie zijn. Bij een bedrijfsregeling is wel een akkoord van de werknemers nodig. Dit ad hoc regelen is daarom lastig.

Uurtarief verhogen?

Als zzp‘er bepaal je jouw eigen uurtarief. Vaak heb je dat bij de start van je bedrijf berekend en daarna niet meer aangepast. Toch is het goed je uurtarief jaarlijks tegen het licht te houden en te bepalen of je het moet aanpassen. Maar wanneer verhoog je nou je tarief? En hoe communiceer je je verhoogde uurtarief naar je klanten?

Er zijn verschillende redenen om je uurtarief te verhogen.
– De kwaliteit van je werk en vakmanschap verbeteren met de jaren. Je kunt hiervoor een hogere beloning vragen.
– Je wilt een financiële reserve opbouwen voor economisch mindere tijden.
– Je kosten stijgen, al dan niet door inflatie.

Maar misschien wil je je tarief niet verhogen, omdat je klanten dan wellicht meer van je gaan verwachten,  je bang bent dat je dan klanten kwijtraakt, of je jezelf daar simpelweg niet prettig bij voelt.

Zorg voor een goed inzicht in de financiële kant van je bedrijf zodat je tijdig kunt inspelen op mogelijke veranderingen. Je uurtarief aanpassen kan een goede maatregel zijn. Jouw ondernemingsplan met daarin je doelstellingen is hierbij een praktisch hulpmiddel om te kijken of je tarief nog actueel is. Zorg ervoor dat je jouw doelstellingen jaarlijks aanpast aan je huidige situatie. De omstandigheden waarin je zakelijk actief bent veranderen continu. Denk aan inflatie, stijgende kosten, wetgeving en de tarieven van je concurrent. Je kunt ook de prijsontwikkelingen in de markt als uitgangspunt nemen. Je past je tarief dan aan op basis van een prijsindex van het CBS.

Heb je besloten om je uurtarief te verhogen? Dan is communicatie de volgende stap. Bepaal eerst hoe vaak je klanten jouw product of dienst afnemen. Is dat af en toe, of zelfs eenmalig? Dan hoef je je klanten misschien niet op de hoogte te brengen van de prijsstijging. Voor klanten is de tussenliggende periode dan lang genoeg om de oude prijs te vergeten. Vaak vinden ze het ook heel logisch dat er na verloop van tijd een prijsverhoging wordt doorgevoerd.

Vaak is het beter om je klanten te informeren. 7 tips om dit goed te doen:

1. Communiceer tijdig
Heb je een grote groep vaste klanten, dan is het extra belangrijk ze op tijd over de tariefsverhoging te informeren. Laat ook weten per wanneer de verhoging ingaat. Een plotselinge confrontatie met een tariefsverhoging wordt vaak heel vervelend gevonden. Er is geen standaardtekst waarmee je een tariefsverhoging aankondigt. Stel hiervoor zelf een tekst op die past bij jouw bedrijf.

2. Kies voor een persoonlijke benadering
Heb je weinig klanten, of een paar hele belangrijke, informeer ze dan persoonlijk over de tariefswijziging. Ga bij ze langs of bel ze op. Dit geldt zeker voor klanten waarvan je een negatieve reactie verwacht.

3. Maak geen excuses
Je hebt je tariefsverhoging weloverwogen genomen. Je bent je klanten hiervoor geen excuses verschuldigd. Breng je boodschap over de tariefsverhoging zo standvastig mogelijk. Onzekerheid wekt de indruk dat er ruimte is voor onderhandeling.

4. Geef vaste klanten een voordeel
Doe je trouwste klanten een aanbieding; bedank ze voor hun loyaliteit door ze nog een laatste keer tegen het oude tarief te laten afnemen. Zeg er wel bij dat er de volgende keer een wat hoger tarief geldt.

5. Je kunt de verhoging in stapjes doorvoeren
Het voordeel van een geleidelijke verhoging is dat je klanten aan de nieuwe prijs wennen. Maar reageren je klanten negatief op een prijsverhoging, kies dan voor een eenmalige verhoging.

6. Zie je uurtarief als marketinginstrument
Als startende ondernemer kun je naar je klant communiceren dat je een eerste periode korting biedt. Je geeft dan direct aan dat voor jouw kennis en kunde eigenlijk een hoger tarief gebruikelijk is. Communiceer je dat niet vooraf? Dan ben je bij verhoging van je uurtarief mogelijk je klant kwijt.

7. Varieer met je uurtarief
Duurt een opdracht langer dan een bepaalde periode? Hanteer dan een lager tarief. Of hanteer voor kwalitatieve uren een ander tarief dan voor kwantitatieve uren.

Je uurtarief bepalen
Heb je moeite met het bepalen van je uurtarief? Met een te hoog tarief prijs je jezelf uit de markt. Een te lage vraagprijs kan de indruk wekken dat jouw werk weinig waard is. Bereken je uurtarief aan de hand van de video Rekenvoorbeeld van je uurtarief of bekijk een webinar Bepaal een passend uurtarief.

Strengere regels voor online verkopen op komst

Heb je een webshop, run je een online verkoopplatform of verkoop je via social media? Dan krijg je vanaf mei volgend jaar te maken met een informatieplicht en nieuwe regels voor onder andere je reviews, prijzen, aanbiedingen en ‘gratis’ digitale diensten. Lees welke 6 veranderingen er komen en hoe je je hierop voorbereidt.

De regels veranderen omdat er nieuwe Europese richtlijnen zijn om consumenten te beschermen. Op basis hiervan heeft het ministerie van Economische Zaken en Klimaat een conceptwetvoorstel gemaakt voor webshops en platforms. Op 28 november dit jaar moet dit voorstel in Nederlandse wetgeving zijn omgezet. De wet gaat naar verwachting op 28 mei 2022 in.

Je hoeft natuurlijk niet tot mei 2022 te wachten om te voldoen aan de aankomende regels. Je kunt je webwinkel of online marktplaats alvast inrichten volgens de nieuwe regels en je zo in positieve zin onderscheiden van je concurrenten. Je klanten hebben immers voordeel bij de nieuwe regelgeving, omdat zij veel meer weten over de manier waarop jij werkt.

Reviews
Laat je op je webshop, social media of platform bij producten reviews en beoordelingen zien? Dan moet je daar vanaf 28 mei 2022 bij vermelden:

  1. Hoe je controleert dat deze recensies van klanten zijn die dat artikel hebben gekocht en gebruikt. Dit kun je bijvoorbeeld doen door een controle op verdachte patronen, zoals veel recensies in korte tijd voor een bepaald product of de aanwezigheid van identieke teksten bij producten.
  2. Of je alle positieve en negatieve reviews van producten verwerkt.
  3. Of er sprake is van sponsoring en of je voor beoordelingen betaalt.

Op social media is het daarnaast verboden valse consumentenbeoordelingen, zoals het (laten) plaatsen van likes, weer te geven.

Consumenten gaan op beoordelingen en aanbevelingen af. Met deze uitgebreidere informatieplicht kan een klant beter en eerlijker oordelen of de reviews oprecht zijn en een afgewogen beslissing nemen om iets wel of niet te kopen.

Ondernemers die zijn aangesloten bij revieworganisaties voldoen aan de informatieplicht over reviews door op hun website te vermelden hoe deze reviewpartijen omgaan met reviews. Ben je niet bij zo’n partij aangesloten, dan zul je dit zelf moeten aangeven en naleven.

Gepersonaliseerd aanbod
Geef jij je klanten een persoonlijk aanbod voor goederen of diensten? Bijvoorbeeld een geautomatiseerd aanbod op basis van recente zoekopdrachten, aankoopgeschiedenis, woonplaats of andere bij jou bekende kenmerken van de klant. Dan ben je straks verplicht je klant hierover te informeren voordat hij iets koopt. Dit doe je bijvoorbeeld met een pop-up of een mededeling op de betaalpagina.

Klanten kunnen hierdoor besluiten na te gaan of je aanbod echt aantrekkelijk is, door bijvoorbeeld een aanbieder te zoeken waar deze klantgegevens niet bekend zijn of geen rol spelen en daar prijzen te vergelijken.

Prijsverminderingen
Ongelooflijke kortingen! Van bedrag Y voor bedrag X. 2 bekende manieren van adverteren, waarbij de regels ook veranderen. Vanaf volgend jaar mag je geen ‘willekeurige’ prijs meer nemen als uitgangspunt voor het geven van korting. Als je adverteert met van-voor-korting, moet je uitgaan van de laagste prijs die je tenminste 30 dagen voorafgaand aan de kortingsactie gebruikte.
Je mag wel korting laten zien ten opzichte van de prijs van je concurrent of de adviesprijs van een bepaald product.

‘Gratis’ online diensten
Bied jij ‘gratis’ digitale diensten aan, waarvoor consumenten hun persoonlijke gegevens moeten opgeven? Dan moet je straks meer informatie verstrekken over hoe lang klanten aan de digitale dienst vastzitten en hoe ze zich weer kunnen uitschrijven. Consumenten krijgen het recht om binnen 14 dagen zonder reden de gratis digitale dienst op te zeggen. Zeggen ze op? Dan moet je als aanbieder van een digitale dienst direct de verwerking van de klantgegevens stoppen en verwijderen.

Online marktplaatsen
Heb jij een eigen online marktplaats? Dan kan een klant een product of dienst afnemen van jou of van ondernemers of consumenten die hun producten of diensten op jouw marktplaats aanbieden. Om aan de nieuwe richtlijnen te voldoen, moet je consumenten nog voordat zij iets kopen laten weten met wie zij rechtstreeks zakendoen. Daarnaast geef je aan of het een ondernemer of consument is en welke voorwaarden er bij de overeenkomst gelden.
Zet deze gegevens goed zichtbaar op je betaalpagina. Wegstoppen in bijvoorbeeld je algemene voorwaarden mag niet.

Naast de informatieplicht, heb je ook een onderzoeksplicht. Als online marktplaats moet je van tevoren informatie opvragen over de juridische status (ondernemer of particulier) van de verkoper en de voorwaarden van degenen die diensten of goederen verkopen via jouw platform.

Als je anderen via jouw webshop producten of diensten aan laat bieden, ben je een online marktplaats en gelden bovenstaande regels ook.

Vergelijkingssites
Als jij online zoekfuncties aanbiedt, zoals een website waarmee je energieaanbieders, reizen, hotels of andere producten of diensten vergelijkt, krijg je ook te maken met een uitgebreidere informatieplicht. Je moet van tevoren aan klanten duidelijk maken welke elementen de uitkomst van een zoekopdracht bepalen. Je hoeft hierbij niet je algoritmes bekend te maken, maar je moet wel aangeven op basis waarvan een zoekuitslag tot stand komt. Bijvoorbeeld: als bedrijven betalen voor een hoge plek in de zoekresultaten, dan moet je hier eerlijk over zijn. Deze informatie verstrek je, vanaf de pagina waarop je de zoekresultaten toont, ongeacht of een bezoeker iets bij jou koopt.

Handhaving en sancties
Hou je je niet aan de nieuwe regels, dan zien de Autoriteit Consument en Markt (ACM) en de Autoriteit Financiële Markten (AFM) dit als oneerlijke handelspraktijk. Zij zullen daarop handhaven. Hierbij zijn aard, omvang, ernst, duur en frequentie van de overtreding van belang. De ACM en AFM kunnen boetes opleggen of overtreders een termijn geven waarbinnen zij de onjuiste situatie moeten oplossen. De boetes kunnen oplopen tot 4% van de jaaromzet of tot een maximumboete van 2 miljoen euro. Als een overtreding vaker voorkomt, kan het percentage oplopen naar 10% van de jaaromzet.
De kans is groot dat de handhaving van de nieuwe regels door ACM en AFM vooral zal gebeuren op basis van signalering door klanten.

Vergeet aangifte overdrachtsbelasting niet!

Op 1 januari 2021 is de startersvrijstelling bij de aankoop van een eigen woning ingevoerd. In de slipstream van die vrijstelling is er een aangifteplicht ingevoerd die nog weinig aandacht heeft gekregen.

Wat is er gewijzigd?
Ondanks veel kritiek is de startervrijstelling overdrachtsbelasting op 1 januari ingevoerd. Eén van de voorwaarden om die vrijstelling toe te kunnen passen is dat je vrijstelling nog niet eerder hebt gebruikt. Die voorwaarde is lastig te controleren voor de Belastingdienst, omdat er bij toepassing van een vrijstelling overdrachtsbelasting geen plicht was een aangifte in te dienen. Om die reden is er op 1 januari gelijktijdig ook een aangifteplicht ingevoerd bij toepassing van de startersvrijstelling. Het is dan voor de Belastingdienst terug te zien of iemand de startersvrijstelling al eerder heeft toegepast.

Breder bereik aangifteplicht
Je zou verwachten dat de aangifteplicht bij het toepassen van een vrijstelling beperkt is tot toepassing van de startersvrijstelling. Dat is echter niet het geval. De aangifteplicht geldt sinds 1 januari voor elke toegepaste vrijstelling. Dat betekent dat je bij de aankoop van een onroerende zaak die is vrijgesteld van overdrachtsbelasting nu altijd aangifte moet doen.

Voorbeelden aangifteplicht
In veel gevallen maakt de notaris een akte op bij de overdracht van een onroerende zaak. Als er een vrijstelling van toepassing is, dan neemt de notaris in die akte de toegepaste vrijstelling op. Door registratie van die akte is dan ook voldaan aan de aangifteplicht.
Bij overdrachten waarbij echter geen notariële akte wordt opgesteld, maar wél een vrijstelling van toepassing is, zal niet iedereen zich direct bewust zijn van de plicht te verzoeken om een aangifte overdrachtsbelasting.

Bijvoorbeeld bij de inbreng van een onroerende zaak in een samenwerkingsverband kan een vrijstelling van toepassing zijn. Ook bij bedrijfsopvolging of de verkrijging van fictieve onroerende zaken kan een vrijstelling overdrachtsbelasting van toepassing zijn, waarbij er nu een aangifteplicht geldt.

Bij het niet voldoen aan de aangifteplicht legt de Belastingdienst een verzuimboete op. Als er daarbij sprake is van een economische eigendomsoverdracht dan kan de boete oplopen tot maximaal € 5.514. Overigens betekent het niet of te laat aangifte doen niet dat de vrijstelling niet langer van toepassing is.

Het is dus van belang om bij transacties waarbij een onroerende zaak betrokken is, na te gaan of de notaris aangifte doet of dat je zelf nog actie moet ondernemen.

Stimuleringsregeling leren en ontwikkelen in het mkb (SLIM-subsidie)

Wilt u investeren in de kennis, groei en ontwikkeling van uw personeel?
U kunt de subsidie Stimuleringsregeling leren en ontwikkelen in het mkb aanvragen (SLIM-subsidie).

U kunt SLIM-subsidie aanvragen voor:

  • Activiteiten voor leren en ontwikkelen (bijvoorbeeld loopbaanadvies of onderzoek naar behoefte aan scholing in uw bedrijf).
  • Een aanpak om uw medewerkers aan te moedigen hun kennis, vaardigheden en beroepshouding verder te ontwikkelen (bijvoorbeeld een bedrijfsschool).
  • Een praktijkleerplaats binnen uw bedrijf voor (delen van) een mbo-opleiding voor volwassenen.

Wanneer komt u in aanmerking?
U kunt SLIM-subsidie aanvragen als:

  • mkb-onderneming
  • samenwerkingsverband in het mkb
  • grootbedrijf uit de sectoren landbouw, horeca en recreatie

Bekijk vóór uw aanvraag de aanvraagcriteria voor de SLIM-subsidie

Hoe kunt u aanvragen?
Mkb-ondernemingen kunnen SLIM-subsidie aanvragen

Samenwerkingsverbanden en grootbedrijven in de landbouw, horeca of recreatie kunnen geen aanvraag meer indienen. Zij konden SLIM-subsidie aanvragen van 1 april 2020 tot 30 juni 2020.

Let op: in 2021 kunt u op twee momenten een aanvraag voor de SLIM regeling indienen: van 2 t/m 31 maart 2021 en van 1 t/m 30 september 2021. Het aanvragen van de SLIM subsidie loopt via het subsidieportaal van de Uitvoering van beleid SZW.

E-commerce en diensten: nieuwe btw-regels voor Nederlandse ondernemers

Bent u Nederlandse ondernemer en levert u goederen in de EU aan klanten die geen btw-aangifte doen? Dan moet u die btw vanaf 1 juli 2021 meestal aangeven in het EU-land waar u levert.

Voor deze leveringen kunt u het zogenoemde éénloketsysteem gaan gebruiken. Ook als u diensten levert in de EU.

Voor producten die u in Nederland levert, verandert er niets.

Kijk hier voor meer informatie.

Subsidie bij aanschaf schone bestelauto. OP=OP!

Ondernemers kunnen vanaf 15 maart tot € 5.000 subsidie aanvragen bij de RVO als ze een schone bestelbus aanschaffen of gaan leasen. Het budget voor 2021 bedraagt € 22 miljoen en op=op dus snel actie ondernemen vanaf 15 maart!

De subsidieregeling moet ervoor zorgen dat ondernemers sneller overgaan tot de aanschaf of lease van een schone bestelauto. De regeling is nu opgenomen in de Staatscourant en treedt vanaf 15 maart in werking.
De subsidie bedraagt 10% van de nieuwprijs van de bestelbus, maar tot een maximum van €  5.000.

Voorwaarden om subsidie te krijgen
Om voor de subsidie in aanmerking te komen moet de ondernemer aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • De ondernemer kan de subsidie aanvragen  als er een overeenkomst is die op het moment van de aanvraag om subsidieverlening geen onherroepelijke verplichtingen bevat.
  • Op het moment van de subsidieaanvraag mag de bestelauto nog niet te naam zijn gesteld.
  • De overeenkomst is niet eerder gesloten dan op 1 januari 2021.
  • Als de bestelbus onder voertuigclassificatie N1 valt, moet deze een netto catalogusprijs van € 20.000 of meer hebben.
  • Valt de bestelauto onder voertuigclassificatie N2, dan moet deze minstens een verkoopprijs van € 20.000 of meer hebben.
  • De bestelbus moet een minimale actieradius hebben van 100 kilometer.
  • Als de energie voor de aandrijving van de bestelauto wordt geleverd door een accupakket mag dit geen lood bevatten;

Bij doorverkoop van de bestelbus binnen drie jaar moet de subsidie deels worden terugbetaald behalve als de bestelbus weer vervangen wordt door een nieuwe schone bestelbus. Er geldt een maximum voor het aantal bestelbussen waar een onderneming subsidie voor kan aanvragen van vierhonderd.

Ook voor schone vrachtwagens subsidie
Staatssecretaris Van Veldhoven heeft eerder al bekendgemaakt dat ook voor schone vrachtwagens in maart een subsidieloket open gaat. In het Klimaatakkoord is afgesproken dat er in 2025 minimaal 30 steden zijn waar een zero-emissiezone voor stadslogistiek is ingevoerd.